3 april 2015

Over La vie est belle

Van Rwanda tot Souka

Als jong koppel vertrokken Stefaan Deraeve en Katrien Steeman als verplegers naar Rwanda. Ze keerden terug met het unieke recept voor hun veggieburgerbedrijf ‘La vie est belle’. Een levensverhaal vol mooie wendingen.

Variëren kan je leren

Alles begon in Rwanda in de vroege jaren tachtig toen Katrien Steeman en haar man Stefaan Deraeve, die beiden net hun opleiding tot verpleegkundigen hadden afgewerkt, naar ginds trokken in het kader van de burgerdienst van Stefaan. Ze waren allebei traditionele eters en kwamen in een streek terecht waar geen vlees en nauwelijks groenten te vinden waren. Al vlug beslisten ze om zelf te gaan tuinieren. Biologisch tuinieren, want ook kunstmest was er niet voorhanden.

Creatief koken

Als verplegers wisten ze natuurlijk al het een en ander af van het combineren van de juiste voedingsproducten. “We combineerden allerlei groenten, zaden en peulvruchten en werden vegetariër uit noodzaak”, zegt Stefaan. Het was echter ter plaatse dat ze leerden creatief na te denken over voeding en hun voedingsbehoeften met beperkte middelen te bevredigen.
Terug in België perfectioneerde Katrien haar recepten voor vegetarische bioburgers. Haar creatieve kookkunsten legden de basis voor wat later zou uitgroeien tot het bedrijf ‘La vie est belle’

“We combineerden allerlei groenten, zaden en peulvruchten en werden vegetariër uit noodzaak”
Stefaan Deraeve

papa-wemba-La vie est belleLa vie est belle!

Een affiche van een Congolese film uit de jaren 80 met als titel ‘La vie est belle’ fleurt de inkomhal van het veggieburgerbedrijf op. “Het is een prachtige film waarin een Congolese dwerg door zijn enthousiasme iedereen opvrolijkt en aanspoort om met een glimlach het leven te aanvaarden zoals het is”, vertelt Stefaan.

In dit optimisme kunnen hij en zijn vrouw Katrien zich helemaal vinden. Ook zij werden destijds in Afrika met een uitdaging geconfronteerd. Door het gebrek aan vlees moesten ze hun eetpatroon drastisch aanpassen. Zij gingen creatief nadenken en kwamen met een innovatieve oplossing, die 20 jaar later nog steeds de basis vormt van hun een bloeiende onderneming.

Experimenteren in de keuken

Creatief koken zit ook Lieven Deraeve, één van Katrien en Stefaan’s kinderen, in de genen. Lieven genoot een opleiding als kok en neemt sinds enkele jaren het voortouw in de proefkeuken van het bedrijf. De proefkeuken dient om te experimenteren en nieuwe dingen uit te proberen.
“In de proefkeuken is het motto ‘Laat je gaan!’. Een lekker en volwaardig eindproduct is het enige criterium.”, vertelt Stefaan. Hoe haalbaar of betaalbaar een productidee is, speelt in deze fase nog niet mee en daar hoeft Lieven zich in de proefkeuken dan ook niets van aan te trekken.

“In de proefkeuken is het motto: Laat je gaan! ‘Lekker’ en ‘volwaardig’ zijn op dat moment de enige criteria” Stefaan Deraeve

Van experiment naar product

In latere fasen test Lieven de haalbaarheid van het product in de productieruimte. Als daar blijkt dat het niet lukt om het product met de gewenste kwaliteit te produceren, wordt er beslist om het niet in productie te nemen.

“Je kan stellen dat op een schaal van 100 experimenten slechts 3 producten de winkelrekken halen”, geeft Stefaan aan. “Deze manier van werken kan wellicht een pak efficiënter en goedkoper, maar bij ‘La vie est belle’ werken we gewoon op deze manier. Onze vegetarische producten moeten in eerste instantie gewoon erg lekker zijn. Als we hierin slagen, overstijgen we de principiële kwesties rond vegetarisme moeiteloos.”

Mensen aan het werk

In de productiehal valt het op dat er nog heel wat werk manueel wordt verricht. Zo worden alle burgers manueel voorgebakken.  Automatisering bleek namelijk om verschillende redenen niet in elke productiefase te passen. “We kiezen er bewust voor om ook mensen met minder kansen op de arbeidsmarkt te werk te stellen. Zo werken er bij ons bijvoorbeeld mensen met een autismespectrum”, zegt Stefaan. La vie est belle wil de zorgzaamheid van het biologisch-vegetarisch ondernemen doortrekken naar het zorgzaam omgaan met het maatschappelijk weefsel. Als bedrijf geloven we dat elke persoon een meerwaarde heeft. “Van elk van onze werknemers heb ik al waardevolle tips gehoord om iets aan onze producten te verbeteren.”, geeft Stefaan aan.

“We kiezen er bewust voor om ook mensen met minder kansen op de arbeidsmarkt te werk te stellen”
Stefaan Deraeve

Afbakken van de burgersProducten met een meerwaarde

De producten van La vie est belle zijn dikwijls duurder dan de industriële slaatjes en burgers van de grote fabrikante
n buiten de biosector. “De alerte consument is bereid om meer te betalen”, zegt Stefaan. “Mensen zijn gevoelig voor labels als bio en fairtrade. Daar ligt volgens mij de toekomst, en niet in de industriële manier van voedsel produceren. Voeding wordt gebanaliseerd en is steeds goedkoper geworden, terwijl het net iets heel intiems is. Je voedt en verzorgt er je lichaam mee.”

La vie est belle gelooft dat mensen opnieuw bewuster zullen worden van de waarde van voeding en meer zullen besteden aan kwalitatieve producten. Die meerkost zorgt er net voor dat boeren een respectvolle prijs
krijgen voor hun producten, en dat de ingrediënten van die producten in harmonie met de natuur kunnen worden gekweekt en zonder additieven op het bord van de consument kunnen worden gepresenteerd.”

Zoeken naar duurzaamheid

De producten van La vie est belle zijn vrij van kunstmatige bewaarmiddelen. Pasteuriseren en bewaarmiddelen toevoegen doen namelijk afbreuk aan de smaak. In hun zoektocht naar oplossingen om hun producten langer te kunnen bewaren, werkt het bedrijf samen met Professor Frank Devlieghere van de Universiteit Gent, een specialist op het gebied van het bewaren van voedsel.

“Innovatie is ook belangrijk voor kleine bedrijven”, zegt Stefaan Deraeve. “Innovatie mag wat kosten, want het alternatief is stagnatie en achteruitgang. En om te innoveren moet je durven samenwerken, zowel met kennisinstellingen als met de collega’s.”

“Innovatie mag wat kosten, want het alternatief is stagnatie en achteruitgang”
Stefaan Deraeve

Dromen van een schone verpakking

Alle producten worden zuurstofvrij verpakt om bederf tegen te gaan. “Een natuurlijke en afbreekbare verpakking blijft nog een verre droom. Als gevolg verkopen we, jammer genoeg, elke dag liters aardolie in de vorm van plastic potjes,” vertelt Stefaan. Het feit dat de potjes  uit PET zijn gefabriceerd is een troost want dit betekent dat de stoffen tenminste al kunnen gerecycleerd worden. Net omdat de producten luchtdicht verpakt moeten worden, is werken met bioplastic geen optie.

Kennis delen

In het kader van de zoektocht naar innovatieve en duurzame oplossingen voor het productieproces is La vie est belle lid van Food2Know en Pack4Food. Deze eerste organisatie is een samenwerkingsverband tussen kenniscentra, de verpakkingsindustrie en de voedingsbranche met als doel om industriële en academische kennis uit te wisselen en te delen.  De studiegroep Pack4Food heeft als doel op zoek te gaan naar een duurzame verpakking voor de bewaring van levensmiddelen.

De voeding van de toekomst

La vie est belle gelooft in de toekomst, een toekomt van groei voor het bedrijf en de vegetarische voedingssector in het algemeen. Vegetarische voeding is de voeding van de toekomst. Dieren hoeven niet noodzakelijk te lijden om ons de mogelijkheid te geven vlees te eten. Mensen eten bewuster en daardoor zal de bio- en eco-sector alleen maar verder gaan groeien en daar draagt La vie est belle graag zijn steentje toe bij.

Menu Title